Lijkermolen II

Gegevens

Type  

Twaalfkante gemetselde poldermolen

Adres  

Poeldijk 1, 2375 NE  Rijpwetering

Gemeente       

Kaag en Braassem

Bouwjaar  

1780

Molenaar              

Patrick Huigsloot & Paul van der Pouw Kraan

Bezoek  

Als de molen draait, woongedeelte is privé.

Rijksmonumentennummer  

7129

Landschappelijke waarde   

Is groot door ligging aan de diepliggende polder en aan de boezemzijde door ligging aan de Koppoel.

Bestemming

De molen bemaalt, met de Lijker I, de Veender- en Lijkerpolder, functioneert als hulpgemaal en wordt ingezet bij extreme wateroverlast. De Lijkerpolder omvat ca. 540 ha. De opvoerhoogte is ca. 4,20 m.

Historie

Door het octrooi van Rijnland van 1744 wordt het gebied, dat nu de polder omvat, uitgeveend, waarbij de termijn van de vervening op 30 jaar wordt gesteld. In de jaren 1779-1780 worden de twee poldermolens gebouwd om de uitgeveende plas droog te maken en daarna de polder op het gewenste peil te houden. De molenmakers Tymen Paddenburg en Pieter Obdam verzorgen het timmerwerk en Hendrik Maart het metselwerk. De afwijkende vorm van de molens is een gevolg van de opvatting van de metselaars: zij zijn van mening dat het metselwerk van een twaalfkant beter stand houdt dan een ronde gemetselde molenromp.

 

In juni 1926 wordt een Ericsson elektromotor in de molen aangebracht. Hoewel de molen daarna nog afwisselend door wind dan wel door de motor wordt aangedreven, verandert dat in 1960 molenaar Cornelis Borst komt te overlijden en –later- naast de molen een nieuw elektrisch gemaal wordt gebouwd.  Als gevolg van deze gebeurtenissen raakt de molen in verval.

 

Nadat de Rijnlandse Molenstichting in 1976 eigenaar is geworden van de molen, vindt begin jaren tachtig een eerste restauratie plaats waarbij roeden en kap worden vernieuwd zodat de molen weer kan draaien. Maar het duurt tot aan het begin van deze eeuw dat de molen weer maalvaardig wordt gemaakt door het aanbrengen van een nieuwe vijzel.

 

Bijzonder: Bij het vernieuwen van de roeden in 1976 worden deze circa 50 tot 60 centimeter ingekort. Daarmee wordt voorkomen dat er schade aan het gevlucht van de molen dan wel aan passerende landbouwvoertuigen.

Versiering

Eenvoudige baard, groen geschilderd met witte rand en opschrift: 1780. Daaronder op een geel vlak in het rood: 2

Constructie

Romp  

Kap

Twaalfkante gemetselde stenen molen.

Gedekt met riet.

Vlucht      

27,60 meter.

Wiekenvorm          

Systeem Fauël

Wiekenkruis  

Gelaste, stalen roeden, fabrikant Straathof, Rijpwetering;

Buitenroede: nr. 0006, bouwjaar 1984, lengte 27,60 meter,

Binnenroede: nr. 0037, 1988, lengte 27,45 meter.

Bovenas  

Gietijzer, fabrikant Schretlen, bouwjaar 1871, lengte 6,80 meter.

Kruiwerk  

48 ijzeren rollen; kruirad.

Vang  

Losse vlaamse blokvang uit vier stukken, wipstok.

Maalwerk  

Stalen vijzel Ø 1,45 meter.

Overbrenging            

Bovenwiel  

 68 kammen

Bovenschijfloop

 38 staven

Onderwiel  

 42 kammen

Vijzelwiel  

 38 kammen

Overbrenging      

 1:2,28