Rode Molen

Gegevens

Type  

Wipmolen

Adres  

Roode Polder, 2374 BP Oud Ade

Gemeente       

Kaag en Braassem   

Bouwjaar  

1632

Molenaar  

Paul Knelange

Bezoek  

Als de molen draait en op afspraak.

Afspraak  

0172 507 127

Bereikbaarheid 

De auto parkeren aan de Leidseweg; te voet verder naar de molen via het door het land lopende pad Roode Polder.

Rijksmonumentennummer  

7132

Landschappelijke waarde   

Zeer groot, ligt alleen in de polder.

Bestemming

De molen wordt in bedrijf gehouden door een vrijwillig molenaar en fungeert als hulpgemaal bij extreme wateroverlast of als het gemaal niet werkt. De Rode polder omvat 195 hectare en de opvoerhoogte is in de zomer 1,77 en in de winter 1,87 meter.

Historie

In 1628 wordt de Westlagelandspolder gesticht: een bundeling van een zevental kleinere polders. Deze naam verandert in het spraakgebruik al snel tot ‘Roomolenpolder’ zoals men hier pleegt te zeggen. Zo wordt (ook hier) de molen niet naar de polder vernoemd, maar de polder naar de molen.

 

Tot in 1956 wordt de polder op windkracht bemalen. In dat jaar wordt de Rode Molen buiten gebruik gesteld wegens de slechte staat van onderhoud. In afwachting van een op handen zijnde ruilverkaveling wordt een noodgemaal geplaatst. Maar als de ruilverkaveling wordt afgeblazen, besluit het polderbestuur om in de molen een vijzel te plaatsen die door een dieselmotor wordt aangedreven. De rest van de molen heeft dan geen functie meer en wordt aan zijn lot overgelaten, tot aan de restauratie van 1969.

Bij die restauratie wordt het bovenhuis vernieuwd, de veldmuren nieuw opgemetseld en worden vang en bovenschijfwiel vernieuwd. Omstreeks 1972 wordt de molen weer maalvaardig gemaakt waarbij de vijzel motorisch wordt aangedreven door een ketting. Door die ingreep komt de molen in aanmerking voor de BWO-subsidie. (Bescherming Waterstaatswerken in Oorlogstijd). Dankzij die subsidie kan de molen goed worden onderhouden.

   

In 1988 wordt elders in de polder een elektrisch gemaal gebouwd. Vervolgens wordt de aandrijving uit de molen verwijderd en fungeert de molen als hulpgemaal om op   windkracht de polder te bemalen.

In 1991 wordt de Rijnlandse Molenstichting eigenaar van de molen. Sindsdien is groot onderhoud uitgevoerd. Vernieuwd zijn: windpeluw, lange spruit, schoor, eiken penbalk, rietdek op de kap en het beschot van de zijgebinten.

 

In de loop van 2013-2014 wordt vastgesteld dat zich een grondige restauratie aandient omdat de Rode Molen langzaam scheef zakt. Als gevolg van het inklinken van de polder wordt de fundering mee naar beneden getrokken. Dat is te zien aan de scheuren in de veldmuren en waterlopen van de molen. Water uit de boezem loopt daardoor onder de molen door de polder in, het versterkt de verzakking en tast bovendien de (houten) fundering aan.

Besloten wordt tot een grote restauratie waarbij een geheel nieuwe fundering wordt aangebracht, de voor- en achterwaterloop worden vernieuwd. Ook wordt een nieuwe verlengde vijzel, aangebracht in een verdiepte en verlengde vijzelkom.

In december 2016 worden de werkzaamheden afgerond. De Rode Molen wordt in mei 2017 weer officieel in gebruik gesteld.

 

Bijzonder: Het is de enige wipmolen waarvan de kap is gedekt met riet. Het heeft de vorm van een wolfsdak, dat lijkt op een dak van een bovenkruier.

Constructie

Voet  

Ondertoren

Veldmuren 30 cm hoog.

Gedekt met riet.

Bovenhuis

Rood geschilderd, voorzijde voorzien van rabatdelen; kap gedekt met riet.

Vlucht      

23,35 m.

Wiekenvorm          

Oud-Hollands

Wiekenkruis  

Gelaste stalen roeden, fabrikant Derckx, 1988;

Binnenroede: nr. 568, lengte 23,35 meter,

Buitenroede: nr. 567, lengte 23,35 meter.

Bovenas  

Gietijzer, fabrikant Enthoven & Co, nr. 0157, bouwjaar 1857, lengte 4,85 m.

Kruiwerk  

Zetelkruiwerk met kruirad.

Vang  

Vlaamse blokvang uit 4 stukken, vangbalk met haak, vangstok.

Maalwerk  

Stalen vijzel buiten de molen Ø 1,10 meter.

Overbrenging            

Bovenwiel  

 60 kammen

Bovenschijfloop

 34 staven

Onderwiel  

 34 kammen

Tussenwiel 1  

 29 kammen

Tussenwiel 2 

 95 tanden (ketting)

Tussenwiel 3  

 38 tanden (ketting)

Tussenwiel 4  

 21 conische tanden, (haakse overbrenging).

Vijzelwiel  

 39 conische tanden, (haakse overbrenging).

Overbrenging      

 1: 2,79