Vlietmolen

Gegevens

Type  

Wipmolen

Adres  

Vlietkade 1, 2355 CR Hoogmade

Gemeente       

Kaag en Braassem

Bouwjaar  

1913-1967

Molenaar  

Dorus Borst

Bezoek  

Als de molen draait, woongedeelte is privé.

Rijksmonumentennummer  

39536

Landschappelijke waarde   

Is groot, maar de biotoop staat onder druk, door veel bomengroei.

Bestemming

De molen wordt door een vrijwillige molenaar in bedrijf gehouden en fungeert als hulpgemaal voor de Vlietpolder, 195 hectare, opvoerhoogte 1,70 meter. De molen kan worden ingezet als hulpgemaal bij extreme wateroverlast, of als het gemaal niet meer werkt.

Historie

De Vlietpolder wordt in de jaren 1652-1654 gesticht, sindsdien is de polder is bemalen door een wipmolen. De tegenwoordige Vlietmolen is echter niet zo oud als de polder. Zijn voorganger brandt af op 30 mei 1913, als tijdens een zwaar onweer de bliksem inslaat.

Molenaar Dirk Borst had graag gezien dat de afgebrande molen weer vervangen zou worden door een wipmolen. Maar dat stond aanvankelijk nog helemaal niet vast. Er was namelijk bij de afgebrande Vlietmolen een mechanisch noodgemaal neergezet. Maar toen het bestuur van de Vlietpolder kwam kijken naar de capaciteiten van het gemaal, weigerde dit alle dienst. Boze tongen beweren dat de molenmaker daarin de hand had. Hoe het ook zij: het polderbestuur nam vervolgens het besluit om een nieuwe molen te laten bouwen. Niet de hele molen werd opnieuw opgetrokken.  Voor diverse onderdelen maakte men gebruik van een elders gesloopte molens.

De Vlietmolen was tot omstreeks 1929 een normale schepradmolen, maar werd daarna uitgerust met een schroefpomp.


In de nacht van 27 op 28 september 1956 stort, tijdens een zware storm, door het breken van de bovenas het wiekenkruis omlaag en wordt ook veel schade aangericht aan het bovenhuis. Sindsdien is de ‘onthoofde’ molen een doorn in het oog van de molenliefhebbers. Het bestuur van de polder vervangt de schroefpomp naast de molen voor een vijzel, die wordt aangedreven door een elektromotor. Tevens wordt  vergunning gevraagd voor het slopen van het bovenhuis. De ondertoren moest behouden blijven, want daarin woont het molenaarsgezin Elstgeest met negen kinderen. De sloopvergunning wordt in 1958 door Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland geweigerd.
 

Zes jaar later, in 1964, krijgt de Rijnlandse Molenstichting het beheer over de molen. De molen wordt weer maalvaardig gemaakt. Vanaf 1988 is de molen in eigendom van de Rijnlandse Molenstichting.

Door een grote restauratie in 2002, kan na circa 50 jaar de nieuwe vijzel weer met wind aangedreven worden.

 

Bijzonder: Koningin Wilhelmina heeft deze molen eens tot onderwerp van een van haar schilderijen gekozen. Toen zij het schilderij wilde afmaken, stonden de wieken echter in een andere stand dan toen de koningin potloodschetsen had gemaakt. Op haar verzoek kruide molenaar Willem van der Ploeg de molen in de door haar gewenste stand, zodat zij het schilderij volgens de oorspronkelijke opzet kon maken.

Versiering

Sluitsteen in de toog boven de achterwaterloop vermeldt: 1856; geprofileerde borstnaald.

Constructie

Voet  

Ondertoren

Veldmuren van 90 cm. hoog.

Gedekt met riet.

Bovenhuis

Rood geschilderd met witte rand, voorzijde rabatdelen in visgraatvorm, kap gedekt met zwart geteerde gepotdekselde planken.

Vlucht      

25,75 m.

Wiekenvorm          

Oud-Hollands

Wiekenkruis  

Gelaste stalen roeden, fabrikant Straathof 2001;

Binnenroede: nr. 167, lengte 25,60 meter,

Buitenroede: nr. 166, ledgte 25,75 meter.

Bovenas  

Gietijzer, fabrikant De Prins van Oranje, bouwjaar 1875. nr. 958, lang 4,60 meter.

Kruiwerk  

Glijwerk zonder neuten; kruirad.

Vang  

Losse Vlaamse blokvang uit 4 stukken; wipstok.

Maalwerk  

Stalen vijzel naast de molen.

Overbrenging            

Bovenwiel               

 53 kammen

Bovenschijfloop

 25 staven

Overbrenging      

 1 : 2,12 (bovenas :  koningsspil).