Jan Ottevanger

Molenaar op Oucoopsemolen

Mijn opa heeft hier gedraaid, daarna mijn oom en later heeft mijn vader deze Oucoopse molen overgenomen. En nu ik. Ik kom uit een molenaarsgeslacht, de 7e generatie. Ik ben geen leerman, maar als molenaar moet je wel een opleiding doen. Je moet veel van de techniek en het weer weten. lk was klaar met school en dacht: “Laat ik toch maar eens in die boeken duiken”. Ik ging lessen op verschillende molens en in 2 jaar had ik mijn diploma.
De vraag voor iedere molenaar is eigenlijk: “hoeveel vrije tijd heb je? Het is een hobby. Dit molenaarswerk doe ik in het weekend want ik werk bij Van Lent in de luxe jachtbouw, interieurbouw om precies te zijn. Ik hield altijd al van knutselen. Bij Van Lent ben ik begonnen als meubelmaker, later in de fineerderij en daarna machinaal houtbewerken en magazijnbeheer. Bij de nieuwe locatie in Amsterdam zit ik ook in de houtbouw. In de avonduurtjes help ik ook wel eens een vriend met een luchtballon bedrijf.  Zo ben ik in Frankrijk geweest voor een Ballon festival.


Zaterdag is mijn molendag. Om negen uur zeil ik hem meestal op. Dan draai ik tot een uur of vijf. Ik heb een magnetronnetje, lekker eten met een rookworst.  Als ik de molen in Zevenhuizen draai doet Nico van den Bosch het hier. Zevenhuizen draai ik samen met mijn vader. Hij woont ín de molen en ik ernaast.  Die molen later overnemen lijkt me wel wat.  Het is ook een watermolen, een rieten grondzeiler. 


De Oucoopse molen heeft een dubbele waterloop en fokwieken. De wieken zijn 2 jaar geleden helemaal vernieuwd. Niemand weet precies wanneer hij is gebouwd. Waarschijnlijk 1683-1684. Het erf hoort bij de molen maar de grond eromheen is van de boer hiernaast, met recht van overpad, en van Staatsbosbeheer. Hier vlak achter hebben ze een bezoekerscentrum.

 


De Oucoopse molen staat heel vrij in de polder. Dat zie je weinig. De biotoop is wel goed. Het bos hierachter wordt onderhouden door vrijwilligers van Staatsbosbeheer. De biotoop is wel goed. Het bos hierachter wordt onderhouden door vrijwilligers van Staatsbosbeheer. Je kunt hier niet makkelijk met de auto komen. We hebben hier danook weinig bezoek, ook niet van boten omdat hier niet gemotoriseerd mag worden gevaren.  Met de kano mag je hier wel komen. Vroeger stond hier een dieselgemaaltje. Nu staat er in Haastrecht een elektrisch gemaal met twee pompen van 50 kub.  We draaien, onder andere, ook voor de subsidie. Voor deze molen is het minimum 100.000 omwentelingen. Ik draai 30-35 kub. Geweldig, hoe goed deze molen het water oploopt.
Wat onderhoud betreft doe ik alleen het verfwerk. De molenstichting verzorgt de verf en dergelijke. Verder is er een contract met Verbij. Het is best wel bewerkelijk maar elke dag is weer leerzaam. Het weer is nooit hetzelfde. Ieder weertype is anders. Het spannends is als het nét nog kan, qua wind, Als je dan aan het draaien bent, moet je de molen constant in de gaten houden . . . om zo lang mogelijk te blijven draaien. De molen afstemmen op de hoeveelheid wind, daar draait het om.


Deze molen staat in een uithoek van het gebied van de Rijnlandse Molenstichting. Voor onderling contact komen we elk jaar een keer bij elkaar. Vroeger heeft hier een gezin met 6 kinderen gewoond. Toen is het hier dichtgetimmerd. Boven was een kleine slaapkamer en beneden een bedstee.  Dit is een mooie molen maar om hier te wonen . . .  dat moet je niet willen.
Mijn favoriete plek als hij draait is op de trap bij het bovenhuis met mijn rug naar de molen. Dan voel je hem schudden en werken. Prachtig! Je kunt hem met een koevoet in zijn werk zetten.  De afgelopen 2 jaar hebben we uit zijn werk gedraaid. Met een open scheprad!

Deze website maakt gebruik van cookies om u een optimale gebruikerservaring te bieden.

Meer info