Sander de Koning

Molenaar op

rijnlandsemolenstichting.nl

Zes jaar geleden vond ik het tijd om eens wat anders te gaan doen. Je kan wel gaan zitten maar ik ben liever buiten bezig, met techniek, met geschiedenis. Je wilt een hobby, hè.

Ik kom niet uit een molenaarsgeslacht. Ik werkte in een ziekenhuis. Op een open dag ben ik een molen binnengelopen en hoorde dat ze nog vrijwilligers zochten. Daarna ben ik gaan lessen. Ik heb mijn opleiding bij Ruud Bax gehad. Daar heb ik 4 jaar gezeten en van hem heb ik zóveel geleerd. Die verdient echt een lintje! Dat was een goede tijd. Alle kennis overdragen is heel belangrijk.

Wij zijn passanten. Als wij er niet meer zijn, staan de molens er nog steeds. Dan moeten er mensen zijn die de molens laten draaien. Daarom moeten we mensen betrekken bij wat wij doen. Daar moeten we het van hebben. Er moet vooral ook jonge aanwas komen want er zijn bijvoorbeeld steeds minder mensen die vervroegd met pensioen gaan. Dat geldt niet voor mij. Ik ben met 36 jaar begonnen. Dan doe je het werk op de molen naast je gewone werk. Dat moet je wel kunnen én willen. Het vereist goed plannen. Wat mij betreft gaat dat absoluut goed maar het hangt helemaal van je situatie af. Het is wel vrijwilligerswerk maar het is niet vrijblijvend. Soms zou je er wel wat méér uren aan willen besteden.

Op den duur zou ik ook wel willen opleiden. Dat heb ik in het ziekenhuis ook gedaan. Dat vind ik leuk om te doen. Je moet wel eerst voldoende vlieguren hebben. Opleiden is ook een kwestie van tijd want je bent dan aan twee agenda’s gebonden. Daar wacht ik nog mee. Wie weet hebben mijn kinderen wel belangstelling voor het molenaarsbedrijf. . . . . .  alleen als ze het leuk vinden natuurlijk.

Hoe meer je leert en ervaart, hoe interessanter het wordt. Tijdens je opleiding zie je steeds meer details van de molens en verschillen tussen molens. Je begint met theorie uit mappen maar al doende leer je, al gauw véél meer. Het is één grote ontdekkingstocht. Wat mij het meest aanspreekt is het spel van water en de wind. Natuurlijk ook de geschiedenis en de techniek maar vooral het buiten-zijn

Ik ben in 2018, na het examen op de molen gekomen. Nanda zocht een maatje en voor mij was het een thuiswedstrijd want ik woon hier vlakbij. Ik werk ook op de stellingmolen “De Valk” als museum molenaar.

De Grosmolen is heel basic. Geen stroom, alles met batterijen of met de hand. De verwarming gebruik ik nooit. De binnenbetimmering scheelt wel een graad of 3, dat is wel even behaaglijker. In deze molen heeft geen gezin gewoond, wel was er een knechtenverblijf. Je kunt nog zien dat er gestookt is. De molen was toen ook slecht bereikbaar. De ringweg is pas in de jaren 80 aangelegd.

“Kijk, nu probeert hij wat water te geven en als er genoeg water achter zit duwt het water de wachtdeur open”. Een maalfunctie heeft de Grosmolen niet maar als je het circuit vol laat lopen doet hij het goed!

Deze website maakt gebruik van cookies om u een optimale gebruikerservaring te bieden.

Meer info